De esthetiek van de achterkant

Van zijn meubelmakende vader moest Steve Jobs ook de achterkantjes van alle kastjes netjes afwerken: “Een product moet technisch en uiterlijk helemaal kloppen en daar horen ook de delen bij die de meeste mensen nooit zien”. Jobs voerde deze filosofie later bij Apple tot in extremis door. Niet alleen de buitenkant van het apparaat en de verpakking, maar ook onzichtbare onderdelen als moederbord of batterij moesten goed smoelen. Jobs bouwde bovendien gesloten apparaten, zodat gebruikers het volmaakte product niet konden verpesten met hun persoonlijke grillen.

plein360_logo_groot

Dit artikel verscheen eerder op Plein360.nl

Architecten en stedenbouwers hebben zij deze macht niet. Woningen worden niet gebruikt; ze worden geleefd. Bewoners voelen zich pas senang als ‘huis’ ‘thuis’ wordt. En dit bereiken ze door persoonlijke eigendommen te plaatsen tussen de muren die door de bouwers zijn neergezet. In stedelijke context blijft dat persoonlijke vaak onzichtbaar vanaf de straat.. Afgezien van vitrage, gordijn en een incidenteel plantje voor het raam blijft een huizenblok daardoor smoelen zoals de architect het heeft ontworpen. En meestal is dat een goede zaak: het ritme van raam en kozijn blijft intact; de bouwtechnische details komen tot hun recht en de strakke gevels zijn prettig in de hectiek van het stadse leven. Kortom: het gewenste straatbeeld is er een van rust, reinheid en regelmaat.

Hoe anders voelen de achterkanten van deze woonblokken. De kale bakstenen, de lelijke balkonconstructies en de aftandse bergingkasten; verder verpest door resten bouwmateriaal, vuilniszakken, kratten bier, schotels en schreeuwerig beddengoed. Aan de achterkant manifesteert zich het persoonlijk eigendom van de bewoner dat niet mooi genoeg is om binnen tentoon te spreiden. Meestal zijn deze keerzijdes van de straat afgewend, maar dit geldt niet voor de architectuur van de naoorlogse strokenbouw. In onze stedelijke buitenwijken zien veel hoofdwegen weliswaar de zijkant van een complex, maar de bewoners van de parallelstraatjes worden permanent geconfronteerd met de achterzijde. Slecht afgewerkt en persoonlijk verergerd door de buurman. Was Steve Jobs maar stedenbouwer geworden in plaats van computermagnaat.